Openbare raadpleging over afwijking van de uitsluitingscriteria

Werkzame stoffen die beantwoorden aan de volgende uitsluitingscriteria zouden normaal niet mogen worden goedgekeurd:

  • kankerverwekkende, mutagene en reproductietoxische stoffen van categorie 1A of 1B volgens de CLP-verordening;
  • hormoonontregelende stoffen;
  • persistente, bioaccumulerende en toxische stoffen (PBT-stoffen);
  • zeer persistente en zeer bioaccumulerende stoffen (zPzB-stoffen).

Afwijkingen hierop kunnen mogelijk zijn, zoals vastgelegd in artikel 5, lid 2, van de Biocidenverordening als gebleken is dat:

  1. het risico voor mensen, dieren of het milieu van blootstelling aan de werkzame stof in een biocide onder realistische worstcase-gebruiksomstandigheden verwaarloosbaar is, in het bijzonder als het product wordt gebruikt in gesloten systemen of onder andere omstandigheden die erop gericht zijn contact met mensen en het vrijkomen in het milieu uit te sluiten;
  2. er aanwijzingen zijn dat de werkzame stof van essentieel belang is om een ernstig gevaar voor de gezondheid van mens en dier of voor het milieu te voorkomen of onder controle te brengen; of
  3. het niet goedkeuren van de werkzame stof een onevenredig negatieve invloed op de samenleving zou hebben in verhouding tot het risico voor de gezondheid van mens en dier of voor het milieu als gevolg van het gebruik van de stof.

In dat geval kan een werkzame stof worden goedgekeurd voor een maximale periode van vijf jaar en voor beperkte vormen van gebruik. Daarnaast kunnen lidstaten biociden alleen toelaten als zij van oordeel zijn dat wordt voldaan aan de voorwaarden op hun grondgebied.

Om te beslissen of de werkzame stof kan worden goedgekeurd, wordt een openbare raadpleging georganiseerd om informatie te verzamelen over het feit of wordt voldaan aan de voorwaarden voor afwijking in artikel 5, lid 2, van de Biocidenverordening.

Tijdens de openbare raadpleging wordt de volgende informatie openbaar gemaakt:

  • stofidentiteit (naam en EG/CAS-nummers);
  • productsoort(en);
  • beoordelende bevoegde autoriteit;
  • een beschrijving van de representatieve vormen van gebruik die door de aanvrager worden gepresenteerd;
  • informatie over de uitsluitingscriteria waaraan de werkzame stof voldoet.

Het is van belang dat belanghebbenden (fabrikanten, gebruikers van biociden, betrokken sector, instanties, enz.) bijdragen aan de openbare raadpleging teneinde waardevolle informatie voor de besluitvormingsprocedure te verzamelen, met name over het al dan niet bestaan van geschikte alternatieven.

Bijdragers moeten informatie met motiveringen verstrekken en niet louter mededelingen dat een stof al dan niet nodig is.

Via de openbare raadpleging verzamelde informatie wordt openbaar gemaakt.

De Europese Commissie neemt samen met de lidstaten de verzamelde informatie in aanmerking bij haar beslissing of de desbetreffende werkzame stof wordt goedgekeurd.

Er zijn momenteel geen raadplegingen aan de gang.
Er zijn momenteel geen raadplegingen aan de gang.
Er zijn momenteel geen raadplegingen aan de gang.


Hoe dien ik een bijdrage voor de openbare raadpleging in?

De openbare raadpleging duurt 60 dagen.

Belanghebbenden die willen deelnemen aan de openbare raadpleging moeten hun bijdrage en relevante informatie indienen via een beveiligd webformulier.

Om de analyse van de bijdrage en de besluitvormingsprocedure te vergemakkelijken moet de indiener het volgende doen:

  • duidelijk aangeven aan welke afwijking van artikel 5, lid 2, onder a), b) en/of c), van de Biocidenverordening volgens de indiener wordt voldaan of niet wordt voldaan; en
  • een gedetailleerde motivering geven.

Als over dezelfde werkzame stof voor verschillende productsoorten tegelijkertijd een openbare raadpleging wordt georganiseerd, dan moet de indiener voor elke productsoort afzonderlijke indieningen verrichten want de afwijking van de uitsluiting wordt per productsoort en per gebruiksvorm binnen de productsoort geanalyseerd.

De indiener moet ook de aanbevelingen in acht nemen die worden beschreven in het richtsnoer voor het indienen van informatie voor de openbare raadpleging over stoffen die mogelijk voor vervanging krachtens de Biocidenverordening in aanmerking komen (Submission of information in the public consultation on potential candidates for substitution under the Biocidal Products Regulation). Als de indiener bijvoorbeeld in zijn bijdrage aangeeft dat er al dan niet alternatieven bestaan, moet hij nauwkeurig formuleren op welk gebruik ze betrekking hebben, met daarbij de naam en identiteit van alternatieve werkzame stoffen of niet-chemische methoden om doelorganismen te controleren, enz.

De ingediende informatie kan al dan niet vertrouwelijk zijn. Als u stelt dat bepaalde informatie vertrouwelijk is, moet u dit naar behoren motiveren (zie bovengenoemd richtsnoer voor het indienen van informatie voor de openbare raadpleging over stoffen die mogelijk voor vervanging krachtens de Biocidenverordening in aanmerking komen). Vertrouwelijke informatie is slechts toegankelijk voor de Europese Commissie en de bevoegde instanties van de lidstaten.

Categories Display

Getagd als:

(klik op de tag om te zoeken naar relevante inhoud)