Microplastics

 

Afbeelding
Kunststoffen maken ons leven op vele manieren gemakkelijker en zijn vaak lichter of goedkoper dan andere materialen. Als ze echter niet naar behoren worden verwijderd of gerecycled, kunnen ze in het milieu terechtkomen, waar ze eeuwenlang achterblijven en in steeds kleinere stukjes afbreken. Deze kleine stukjes (meestal kleiner dan 5 mm) worden microplastics genoemd en geven aanleiding tot bezorgdheid.
 
Microplastics zijn vaste plastic deeltjes die bestaan uit mengsels van polymeren en functionele additieven. Ze kunnen ook restonzuiverheden bevatten. Microplastics kunnen onbedoeld worden gevormd wanneer grotere stukken kunststof, zoals autobanden of synthetisch textiel, slijtage vertonen. Maar ze worden ook doelbewust vervaardigd en toegevoegd aan producten voor specifieke doeleinden, zoals scrubkorrels in gezichts- of lichaamsscrubs.
Wat zijn de punten van zorg?

Als ze eenmaal in het milieu beland zijn, worden microplastics niet biologisch afgebroken. Ze hopen zich op in dieren, waaronder vis en schaal- en schelpdieren, en worden bijgevolg ook als voedsel door de mens geconsumeerd.

Microplastics zijn aangetroffen in mariene, zoetwater- en terrestrische ecosystemen en in voedsel en drinkwater. De voortdurende verspreiding ervan draagt bij tot permanente vervuiling van onze ecosystemen en voedselketens. Blootstelling aan microplastics in laboratoriumonderzoek is in verband gebracht met een reeks negatieve (eco)toxische en fysische effecten op levende organismen.

Naar aanleiding van bezorgdheid over het milieu en de volksgezondheid hebben verschillende EU-lidstaten reeds nationale verbodsbepalingen vastgesteld of voorgesteld voor het opzettelijk gebruik van microplastics in consumptieproducten. De verbodsbepalingen hebben voornamelijk betrekking op het gebruik van “microparels” in cosmetica die na gebruik worden weggespoeld, waarbij microplastics worden gebruikt als schuur- en polijstmiddelen.

Wanneer producten met microplastics worden gebruikt, belandt elk jaar ongeveer 42 000 ton microplastics in het milieu. De grootste bron van verontreiniging is het granulaire instrooimateriaal dat wordt gebruikt op kunstgrasvelden, met lozingen tot 16 000 ton. Bovendien wordt het vrijkomen van onopzettelijk gevormde microplastics (wanneer grotere stukken kunststof slijtage vertonen) geschat op ongeveer 176 000 ton per jaar in de Europese oppervlaktewateren. 

De Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) heeft in 2016 het beschikbare bewijs aangaande micro- en nanoplastics in voedsel bekeken. Deskundigen hebben vastgesteld dat er meer gegevens nodig zijn over de incidentie ervan in levensmiddelen en over de mogelijke gevolgen ervan voor de menselijke gezondheid. Daartoe houdt de EFSA in 2021 een wetenschappelijk colloquium om de huidige stand van zaken en het lopende onderzoek op dit gebied te bespreken.

 

Welke producten bevatten opzettelijk toegevoegde microplastics?

Microplastics worden doelbewust toegevoegd aan een reeks producten, waaronder meststoffen, gewasbeschermingsmiddelen, cosmetica, huishoudelijke en industriële detergentia, schoonmaakmiddelen, verven en producten die in de olie- en gasindustrie worden gebruikt. Microplastics worden ook gebruikt als zacht instrooimateriaal op kunstgrasvelden.

In consumptieproducten zijn microplasticdeeltjes het meest bekend als schuurmiddelen (bijvoorbeeld als scrub- en polijstmiddelen in cosmetische producten, die microparels worden genoemd), maar ze kunnen ook andere functies hebben, zoals het bepalen van de dikte, het uiterlijk en de stabiliteit van een product. Ze worden zelfs als glitter of in make-up gebruikt.

In totaal wordt in de EU/EER naar schatting elk jaar ongeveer 145 000 ton microplastics gebruikt.

Voorgestelde beperking van ECHA

In 2017 heeft de Europese Commissie ECHA verzocht om een beoordeling van de wetenschappelijke gegevens voor het nemen van regelgevende maatregelen op EU-niveau met betrekking tot microplastics die doelbewust aan producten (d.w.z. stoffen en mengsels) worden toegevoegd. 

In januari 2019 stelde ECHA een brede beperking voor op microplastics in producten die in de EU/EER in de handel worden gebracht om het vrijkomen ervan in het milieu te voorkomen of te beperken. Van maart tot september 2019 werd een raadpleging over het beperkingsvoorstel georganiseerd. ECHA heeft 477 afzonderlijke opmerkingen ontvangen. Nadere bijzonderheden over de raadpleging, met inbegrip van niet-vertrouwelijke antwoorden, zijn te vinden op de ECHA-website.

Het voorstel zal naar verwachting het vrijkomen van 500 000 ton microplastics over een periode van 20 jaar voorkomen.

Andere opties voor het verminderen van het vrijkomen van onopzettelijk gevormde microplastics in het aquatisch milieu worden door de Commissie overwogen als onderdeel van haar strategie voor kunststoffen en het nieuwe actieplan voor de circulaire economie.

 

Adviezen van de comités

Het Comité risicobeoordeling (RAC) van ECHA heeft in juni 2020 advies uitgebracht. Het comité steunde het voorstel en beveelt strengere criteria aan voor afwijkende biologisch afbreekbare polymeren en een verbod na een overgangsperiode van zes jaar voor microplastics die als instrooimateriaal op kunstgrasvelden worden gebruikt. Het RAC concludeerde ook dat de door ECHA voorgestelde ondergrens van 100 nanometer (nm) voor het beperken van microplastics niet noodzakelijk is voor de handhaving en adviseerde geen ondergrens.

Het Comité sociaaleconomische analyse (SEAC) heeft in december 2020 advies uitgebracht. Het comité steunde het voorstel van ECHA, maar deed enkele aanbevelingen aan de Europese Commissie om in de besluitvormingsfase in overweging te nemen.

Het SEAC heeft onder meer een ondergrens van 1 nm aanbevolen voor het beperken van microplastics. Het comité was ook van mening dat een tijdelijke ondergrens van 100 nm nodig kan zijn om ervoor te zorgen dat de beperking kan worden gehandhaafd door microplastics in producten op te sporen. 

Om het vrijkomen in het milieu van instrooimateriaal afkomstig van kunstgrasvelden te beheersen, gaf het SEAC geen voorkeur aan een van de door ECHA voorgestelde risicobeheeropties boven de andere opties. Het Comité verklaarde dat de uiteindelijke keuze afhankelijk zou zijn van beleidsprioriteiten, met name wat de vermindering van emissies betreft. 

Besluit van de Europese Commissie en de EU-lidstaten

Van de Commissie wordt verwacht dat zij haar voorstel opstelt naar aanleiding van het verslag van ECHA en het gecombineerde advies van de comités. Het voorstel van de Commissie tot wijziging van de lijst van stoffen waarvoor krachtens bijlage XVII bij Reach beperkingen gelden, zal door de EU-lidstaten in het Reach-comité ter stemming worden voorgelegd. Voordat de beperking kan worden vastgesteld, wordt deze door het Europees Parlement en de Raad onderzocht.

 

infographic

 

Planned timetable for proposed restriction of intentionally added microplastics

 

Future timings are tentative

  Timing
Intention to prepare restriction dossier 17 January 2018
Call for evidence 1 March - 1 May 2018
Stakeholder workshop 30 - 31 May 2018
Submission of restriction dossier 11 January 2019
Public consultation of the Annex XV dossier  20 March 2019 –
20 September 2019
RAC opinion June 2020 
Draft SEAC opinion June 2020 
Consultation on draft SEAC opinion 1 July - 1 September 2020
Combined final opinion submitted to the Commission February 2021
Draft amendment to the Annex XVII (draft restriction) by Commission Within 3 months of receipt of opinions
Discussions with Member State authorities and vote 2021
Scrutiny by Council and European Parliament Before adoption (3 months)
Restriction adopted (if agreed) 2021 or 2022 (transition periods are proposed for certain applications)